HET PITSLICHTEKE.


two days in venice.


vanessa bruno backstage. grand palais. christophe roue

SCHERVEN

Zò ongeveer moet een vulkaan zich voelen als zijn hele binnenste in brand staat doordat de vurige lava ineens zin heeft gekregen om zich een weg naar buiten te banen. Een hele stoet uitschot met gloeiende fakkels en sikkels, ziedend slijk en kokend pek, werkt zich omhoog naar de keel. Deze keel is hiervoor nog veel te klein en begint dadelijk om hulp te schreeuwen. Niet de besmeurde lakens en dekens, niet het bezwete lichaam, niet de kletsnatte nachtpon, niet de zure lucht die nog dagen in de kamer zal hangen, niet de brandende slokdarm, niet de opengereten keel, niet de kleverige handen, niet het plakkende haar, niet de ondergespatte wekker, niet de vreemdsoortige, bonte plak op het Perzische tapijt vervullen haar met ontzetting. Het zijn Pappa en de moeder die met onverholen verbijstering en afkeer staan te staren naar de scherven die recht uit het stinkende braaksel omhoogsteken. Pappa die zegt: 'Dit heb ik mijn hele leven nog niet gezien', en de moeder die zegt: 'Wie gaat dit opruimen?'

(Charlotte Mutsaers, De Markiezin)


uit "ons meetjesland" - tijdschrift voor heemschut, volkenkunde en geschiedenis, 1970:

"De halsslagader was doorgesneden. Het slachtoffer moet bij het voelen van het mes het hoofd neergebogen hebben, want de snede was niet door de keel, maar over de slapen en de mond voortgegaan. Nog verscheidene sneden in het gelaat, er was dwars door de kleeren een lap vlees uit den schouder gerukt. Het mes was tusschen het tweede en het derde wervelbeen doorgedrongen... "("Wreede moord te Eeklo", zondag 18 november 1888)

"Zompel was weer eens doorzat en, in 't midden van de straat, sloeg hij op Matje, zijn wijveke, als op een kafzak. Matje riep moord en brand en daarop komt boer Cornelis buitengeschoten; die was dan schepen van Knesselare ook. 'Miel', roept boer tot Zompel, ''t zal zeker al beginnen gaan, of moet ik u wat grote flinken geven?!' ... 't Gevecht was subiet gedaan, maar Matje sprong gelijk een kat vooruit naar boer Cornelis: 'O, Gij lelijke, vette boerepens, gij lafhertige beeste, wat hebt gij u daarmee te moeien? 't Is toch mijne vent, hij mag toch zeker doen met mij wat hij wil, gij verdomde slechte hond!' ... En Zompel en zijn Matje trokken arm in arm naar huis." ('Sprokkelingen uit Eentveld')

plantentuin gent - 26.10.2012.






collages by partizany.


Portraits of women in Hermès
Le Monde d’Hermès № 35, 1999 Vol. II, Fall–Winter 1999–2000
Delphine
photography 
Reversible shirt-jacket in charcoal double-faced diagonal wool
Sleeveless high collar tunic pullover in black comfort cashmere
Rounded pants, two zippers, in charcoal comfort flannel 
Two pullovers, layered, in charcoal and grey baby cashmere
Shirt-jacket with zipper in grey light baby alpaca
Highneck pullover without seams in grey cashmere
Drawstring pants in grey light baby alpaca 


Nieuwe (edgy/rauw/constructivistisch/duur) Romantiek chez Maryam Nassir Zadeh 
The ancestors en hun kweekdrang: 
Ferdinand Van Vooren x Amelie Van Hooreneweder en hun kinderen:
Edmond, August, Kamiel, Jules, Adolf, Trifon, Maurice
Ida, Philomena (Mina), Amelie, Marie en Emma.


Jil Sander (adieu à Raf Simons) - Fall/Winter 2012
(and the tears, and the flowers, and the beautiful sadness)

Christ Church, Oxford, July 21, 1876.

My dear Gertrude,

Explain to me how I am to enjoy Sandown
without you. How can I walk on the beach alone? How
can I sit all alone on those wooden steps? So you see, as I
shan't be able to do without you, you will have to come. If
Violet comes, I shall tell her to invite you to stay with
her, and then I shall come over in the Heather-Bell and
fetch you.

If I ever do come over, I see I couldn't go back the
same day, so you will have to engage me a bed somewhere in
Swanage; and if you can't find one, I shall expect
you to spend the night on the beach, and give up your
room to me. Guests of course must be thought of
before children; and I'm sure in these warm nights the beach
will be quite good enough for you. If you did feel a little chilly,

of course you could go into a
bathing-machine, which everybody knows is very
comfortable to sleep in--you know they make the floor of
soft wood on purpose. I send you seven kisses (to last a
week)
and remain

Your loving friend,

Lewis Carroll.
(bron)


David Lynch's hair told through famous paintings (bron)
stills from La Belle Personne (Christophe Honoré)
Dure sjaals - via TOTOKAELO

detachable collars (via DearBeatrice)

Iedereen heeft dromen. Grote, kleine, verwerpelijke, lovenswaardige dromen. Sommigen onder ons maken die dromen waar, anderen niet. Dat maakt op zich niks uit. Want zowel het slagen als het falen wordt vermomd door wat wij allen aanvaard hebben als de gewone loop des levens. Het falen verloopt geruisloos. Onze dromen storten niet in, maar vervagen, ze worden uitgewist, zoals een krijttekening die spelende kinderen op de stoep hebben achtergelaten oplost in een regenbui. Niemand die het merkt of mist. En zij die hun dromen realiseren beleven een kortstondig moment van euforie, een vluchtig moment van geluk, een vuurpijl in de lucht, waar ze heel even blij en dronken naar staren totdat het ongeluk hen aanvalt, in de rug. Of anders is het wel de gewenning die hun vreugde uitgumt en het papier verkreukeld achterlaat. Maar wie niet ongemerkt faalt, en ook niet glorierijk slaagt, diegene rest niets anders dan te blijven proberen, nieuwe beloftes te zoeken, nieuwe moerassen om zachtjes in weg te zakken terwijl je benen krampachtig trappelen in de smurrie, buiten ieders zicht. De kunst is om te stoppen met falen. Niet door succesvol te worden, maar door te stoppen met proberen. Dat is wat de meeste mensen doen. En geef ze eens ongelijk. Het zijn die paar mensen die falen noch slagen die pas echt pech hebben. Zij zijn gedoemd te blijven streven en telkens weer hun dromen uit handen zien glippen. Daar heb ik dan weer wel in uitgeblonken. Dat kan ik nu wel toegeven. Nu is het tijd om toe te geven, om terug te keren, niet als overwinnaar, dat is jammer ja, maar als spijtoptant, als verloren zoon. Het spijt me, lieve mensen, het spijt me, maar hier ben ik dan. Ik ben terug waar ik klaarblijkelijk thuis ben.

Ivo Victoria - 'Hoe ik nimmer de Ronde van Frankrijk voor min-twaalfjarigen won (en dat het me spijt)'

Respect voor letters

LETTERONTWERPSTER JOKE GOSSÉ OVER ZIELIGE W'S EN VALLENDE F'EN

An Olaerts, dS Magazine 19.11.2011 (bron)

Joke Gossé is letterontwerper. Een van haar lettertypes heet Melville en telt meer dan tweeduizend karakters. Ze heeft een boekje uit, met letters en wijsheden. Letters zijn overal en Joke Gossé ziet ze graag. Of niet. Door An Olaerts, foto Marleen Daniëls
Zachtjes knetteren de letteren is een boek van Jeroen Brouwers. Maar voor Joke Gossé geldt precies hetzelfde. Zij het letterlijk. Lelijk zijn de letters van afrit Herentals-West op de E313. En schoonheid is witte wijn uit een harde discounter in Berlijn. ‘De wijn deugt niet,' zegt ze, ‘maar de letters op het etiket wel. Ze zijn van Jean-François Porchez, die zijn inspiratie heeft gehaald bij de art déco van Cassandre. Zie hoe mooi hij met de breedte van de hoofdletters speelt: Dieser Wein verzaubert Tag & Nacht. Daarom heb ik de fles gekocht. Want lekker is anders.' Zo gaat dat blijkbaar in het huishouden van een letterontwerper.

De R van Roeland

‘Op mijn vakantiefoto's staan altijd veel letters. Deze foto heb ik genomen op huwelijksreis. Het is de overschilderde gevel van een pakhuis in Montréal. Mijn man ziet er het nut niet van in. Hij is advocaat en voor hem gaat het om wat er staat, om wat de letters zeggen. Hoe ze eruit zien kan hem niet schelen. Mij wel, dat is hij intussen gewoon. Toen we trouwden, hebben we allebei over kleine offers gesproken. Voor mij was dat: twee jaar op kookles zitten en thuis toch iets met gehakt klaarmaken omdat hij het zo graag heeft. Voor hem was het: overal stoppen om haar foto's te laten maken van letters op muren en borden. (lacht)'
‘Deze metalen R heb ik Frankrijk gekocht omdat mijn man Roeland heet. Eigenlijk wilde ik ook graag een J van Joke, maar die was nergens te vinden. R'en zijn wijd verspreid, van boucherie tot poissonnerie. Van het ontwerp ben ik niet zo onder de indruk. Het is een industriële letter. Als ik een gelijkaardige R moest ontwerpen, zou ik hem doen vermageren op zijn buik om zijn beentjes beter te laten uitkomen.'

Een kaftje van vader

‘Mijn vader is boekbinder. Het blauwe kaftje heeft hij gemaakt voor mijn eindwerk master typeface design aan de universiteit van Reading. Het is de kaft met de leesproef van mijn eerste lettertype. Ik heb het ontworpen om traag te lezen, poëzie en romans. Ik heb het Melville genoemd omdat Herman Melville behalve Moby Dick ook Clarel heeft geschreven, een gedicht van duizenden regels. De stijl en de vorm zijn geïnspireerd op letters uit de negentiende eeuw, met smalle verhoudingen, hoekjes in de o en oren aan de g. Onlangs heb ik het verkocht aan een communicatiebureau. Ze wilden het graag gebruiken om reclame te maken voor Belgische bedden. (lacht)'
‘Nostalgia is een lettertype dat ik later heb ontworpen. Het is begonnen als de titel van een boek over nostalgische restaurants aan de kust. Achteraf heb ik er een heel font van gemaakt.
Vroeger werkten letterontwerpers hun leven lang aan hetzelfde lettertype. Wat ze nodig hadden in hun drukkerij sneden ze met de hand uit in metaal. Het moet een rustgevende bezigheid geweest zijn, zonder de nood om voortdurend te vernieuwen. Giambattista Bodoni was de hofdrukker van Parma in 1768. In die hoedanigheid heeft hij de Bodoni ontworpen. Het font is eeuwenoud, maar je merkt er niets van. Behalve bij de cursieven. Schuine letters dansen dikwijls een beetje. De instrumenten van toen waren niet precies genoeg voor de juiste hellingsgraad.'

Het sierlijke staartje van de Q

‘Een goed parfum met lelijke letters op het flesje koop ik niet. Gelukkig hebben luxemerken vaak wel het budget om iets moois te laten maken. Neem nu de letters op een flesje Coco Mademoiselle van Chanel. Ze zien er strak en standaard uit, trouw aan de esthetiek en het gedachtegoed van Chanel. Het zijn schreefloze, geometrische letters in de modernistische stijl van de jaren dertig. Ook de letterkeuze van Clinique mag er zijn. Het zilveren logo heeft schattige schreefjes en het sierlijke staartje van de Q past uitstekend bij het vrouwelijke imago van het merk. De letters eronder zijn in Helvetica gezet, zuiver en zakelijk. De Helvetica is een letter uit de jaren vijftig, Zwitsers en degelijk, ideaal voor de medische connotaties die Clinique moet oproepen. De schoonheidsspecialisten die de flesjes verkopen dragen ook altijd witte jassen in de Inno.'
‘Ik begrijp dat merken zoals Aldi en Makro niet geïnteresseerd zijn in zo'n uitstraling. De letters die ze gebruiken zijn navenant. Het heeft geen zin om je daaraan te ergeren, maar wat Nivea doet met de deodorant die ik gebruik is toch erg. Double effect staat er. De o is te klein voor de u. De e is rond terwijl de c open is. En de f'en vallen bijna voorover. Ik vraag me af wie dat lettertype heeft gekozen. Volgens mij was het gratis en heeft de ontwerper het als grap bedoeld.'

De pijl naar Heist-op-den-Berg

‘De cijfers in deze lijst zijn busnummers. Ze hebben op de rol gezeten in een oude Engelse bus. Iemand heeft ze tamelijk naïef ontworpen met een passer en een meetlat. De letters op de borden op onze wegen zijn ook zo gemaakt, maar die vind ik niet mooi. Afrit Herentals-West, vreselijk. De ingenieur die de letters heeft getekend heeft ongetwijfeld zijn uiterste best gedaan, maar het is niet goed genoeg. Ook over onze nieuwe nummerplaten is niet nagedacht. Alle letters zijn even breed, maar dat is verkeerd. Letters moeten optisch gecorrigeerd worden. Dat deden de allereerste drukkers al, precies zoals de Grieken met de zuilen van hun tempels. Naar boven toe werden ze breder om ervoor te zorgen dat ze recht leken van beneden uit. Een W die even groot is als een O verandert in een smal W'tje. Het is een gemiste kans. En niet alleen omdat het lelijk is, vooral omdat het niet leesbaar is, en dus gevaarlijk op de weg. Als je naar Heist-op-den-Berg gaat, weet je welke borden je moet verwachten. Daarom kun je de pijl naar Heist-op-den-Berg lezen. In België is er nauwelijks aandacht voor letters. Anders dan in Nederland. Daar hebben ze in 1997 nieuwe letters laten ontwerpen door Gerard Unger, speciaal voor de wegwijzers van de ANWB. In België moet een typografie héél erg slecht zijn voor het iemand opvalt. Laat staan dat iemand er aanstoot aan neemt.'

Met een snuifje Libelle

‘Letterontwerp is een wetenschap die balanceert tussen psychologie, technologie en kunstgeschiedenis. Voorlopig bestaan er nog geen letters die specifiek voor de iPad zijn ontworpen, maar dat komt vast nog. Modes en stijlen blijven elkaar afwisselen. Tegenwoordig is de Caslon Graphique heel erg in. Het is een letter die doet denken aan een gezellig huishouden, makkelijk maar toch in orde. Met een snuifje Libelle ook. (lacht) Het is niet voor niets dat Jamie Oliver de letter gebruikt in zijn kookmagazine. Idem voor het kookboek 365 goede redenen om aan tafel te gaan. Ik heb het gekocht voor de recepten én de letters. De Caslon Graphique is hip, ook al werd de originele Caslon ontworpen in 1725 door William Caslon, een Londense lettergieter. Veronika Elsner en Günther Flake, twee letterontwerpers uit Hamburg, hebben de letters van Caslon gescand en digitaal gecorrigeerd. In de hang naar revival zijn er wel meer letterontwerpers die in archieven en bibliotheken op zoek gaan naar klassieke letters.'

Lezen/ letters kijken

‘Ik lees veel. Ik zit zelfs in een leesclub met een paar vriendinnen, maar lezen is niet gemakkelijk voor mij. Vooral niet als ik in een nieuw boek moet beginnen. Ik switch de hele tijd heen en weer tussen vorm en inhoud. Het is lezen en naar de letters kijken, tegelijk. Ik let op lettertypes, woordwit, regelwit, bladspiegel... Het houdt eigenlijk nooit op. Ik let zelfs op de letters op de achterkant van doosjes thee. Thee van Lipton smaakt me het best, maar de letters op de doos hebben niets om het lijf. Ze doen wat moet, zeggen hoe je thee moet zetten, maar verder zijn ze compleet saai. Ik vraag me af waarom. Er zijn genoeg bedrijven die wel aandacht hebben voor lettertypes. Een vriend van mij heeft bijvoorbeeld pas een lettertype ontworpen voor smeerkaas! En de theedoosjes van het theemerk Clipper hebben heel mooie, handgetekende letters. Ik haal ze geregeld in huis. Ook al zijn ze te duur en ook al drink ik liever Lipton. (lacht)'

Een a is een a

‘Als mensen horen dat ik letterontwerper ben, denken ze soms dat ik aan kalligrafie doe. Kalligrafie in de sfeer van zijden sjaals beschilderen dan ook nog. Terwijl kalligrafen vaak heel mooie dingen doen. Maar mijn letterontwerp heeft dus niets met mijn handschrift te maken. Letters interesseren mij pas als je ze kunt drukken. Het moet functioneel zijn. Daarom zijn letters ook geen kunst voor mij. Je zit altijd vast aan de conventie van de letter zelf. Een a is een a. Als je er te vrij mee omspringt, is de a niet meer leesbaar. Wat niet wil zeggen dat letters niet kunstig kunnen zijn. Dit reclamebord is verroest en toen ik het kocht, hing het vol duivendrek, maar ik moest het hebben. Het logo van St-Rafaël is een ontwerp van Roger Excoffon. De letters zijn sierlijk en ze hebben een vaart alsof ze met stift geschreven zijn. En toch zit er een haakje aan. De lettertypes van Excoffon hebben dat wel vaker. Zijn Banco-font uit de jaren vijftig zou ook geschreven kunnen zijn.'

Een béétje respect

‘Ikea is een druk besproken onderwerp onder letterontwerpers. (lacht) Vorig jaar is de catalogus van lettertype veranderd. Vroeger gebruikten ze de Futura, een letter uit 1927 met dezelfde basisvormen als die van Bauhaus. Heel mooi was dat, omdat Ikea de stijl consequent doortrok. Maar na vijftig jaar is de Futura verdwenen. Ikea gebruikt nu de Verdana. Op zich is daar niks mis mee. De Verdana is een ontwerp van Matthew Carter, een Brit met een flinke reputatie als het over letterfonts gaat. Als letterontwerper heb ik veel bewondering voor hem. Het probleem is alleen dat zijn Verdana een schermletter is, bedoeld om op de computer te lezen. Terwijl Ikea de letter op papier drukt. Letterontwerpers houden daar rekening mee. Functionaliteit gaat boven alles. Het gaat om het comfort van de lezer. Een schermletter op papier klopt gewoon niet. Niemand begrijpt waarom Ikea het verschil niet meer wil maken. Het is tenslotte een miljardenbedrijf. Wellicht is het een kwestie van vervlakking. Een béétje respect voor de letter moet toch kunnen! Trouwens, zoveel kost een lettertype niet. Voor 150 euro heb je een eeuwigdurende licentie. En als je meer vraagt, wil niemand er nog voor betalen. Tja, als het crisis is, sneuvelen de letters eerst.'

‘Attractive things work better', Joke Gossé
Uitgeverij Luster, 14,95

The Infamous Proust Questionnaire

In the back pages of Vanity Fair each month, readers find The Proust Questionnaire, a series of questions posed to famous subjects about their lives, thoughts, values and experience. A regular reference to Proust in such a major publication struck me as remarkable, and it was only until I'd read Andre Maurois's Proust: Portrait of a Genius that I understood what this was all about.

The young Marcel was asked to fill out questionnaires at two social events: one when he was 13, another when he was 20. Proust did not invent this party game; he is simply the most extraordinary person to respond to them. At the birthday party of Antoinette Felix-Faure, the 13-year-old Marcel was asked to answer the following questions in the birthday book, and here's what he said:

Marcel at age 13, 13kb gif

  • What do you regard as the lowest depth of misery?

    To be separated from Mama

  • Where would you like to live?

    In the country of the Ideal, or, rather, of my ideal

  • What is your idea of earthly happiness?

    To live in contact with those I love, with the beauties of nature, with a quantity of books and music, and to have, within easy distance, a French theater

  • To what faults do you feel most indulgent?

    To a life deprived of the works of genius

  • Who are your favorite heroes of fiction?

    Those of romance and poetry, those who are the expression of an ideal rather than an imitation of the real

  • Who are your favorite characters in history?

    A mixture of Socrates, Pericles, Mahomet, Pliny the Younger and Augustin Thierry

  • Who are your favorite heroines in real life?

    A woman of genius leading an ordinary life

  • Who are your favorite heroines of fiction?

    Those who are more than women without ceasing to be womanly; everything that is tender, poetic, pure and in every way beautiful

  • Your favorite painter?

    Meissonier

  • Your favorite musician?

    Mozart

  • The quality you most admire in a man?

    Intelligence, moral sense

  • The quality you most admire in a woman?

    Gentleness, naturalness, intelligence

  • Your favorite virtue?

    All virtues that are not limited to a sect: the universal virtues

  • Your favorite occupation?

    Reading, dreaming, and writing verse

  • Who would you have liked to be?

    Since the question does not arise, I prefer not to answer it. All the same, I should very much have liked to be Pliny the Younger.

This questionnaire tells us much about two things, the character of petiit Marcel, and the amusement of the young in the Belle Epoque. We see Marcel as a sweet and dreamy Mama's boy, brainy, aesthetic, a young citizen of the world with much sympathy for the feminine. What he sees in Pliny the Younger, famous only for speaking and writing letters, is hard to grasp.

What is fascinating about this questionnaire is that it was considered so great an amusement to very young people in Proust's time. It is hard to imagine a party of 13-year-olds in these times being quizzed about their favorite virtues, painters or characters of fiction and history. If the questionnaire were not to smack of exam, it would have to ask "what's your favorite TV show?" or "what's your favorite band?"

Seven years after the first questionnaire, Proust was asked, at another social event, to fill out another; the questions are much the same, but the answers somewhat different, indicative of his traits at 20:

Marcel in his twenties, 12kb gif

  • Your most marked characteristic?

    A craving to be loved, or, to be more precise, to be caressed and spoiled rather than to be admired

  • The quality you most like in a man?

    Feminine charm

  • The quality you most like in a woman?

    A man's virtues, and frankness in friendship

  • What do you most value in your friends?

    Tenderness - provided they possess a physical charm which makes their tenderness worth having

  • What is your principle defect?

    Lack of understanding; weakness of will

  • What is your favorite occupation?

    Loving

  • What is your dream of happiness?

    Not, I fear, a very elevated one. I really haven't the courage to say what it is, and if I did I should probably destroy it by the mere fact of putting it into words.

  • What to your mind would be the greatest of misfortunes?

    Never to have known my mother or my grandmother

  • What would you like to be?

    Myself - as those whom I admire would like me to be

  • In what country would you like to live?

    One where certain things that I want would be realized - and where feelings of tenderness would always be reciprocated. [Proust's underlining]

  • What is your favorite color?

    Beauty lies not in colors but in thier harmony

  • What is your favorite flower?

    Hers - but apart from that, all

  • What is your favorite bird?

    The swallow

  • Who are your favorite prose writers?

    At the moment, Anatole France and Pierre Loti

  • Who are your favoite poets?

    Baudelaire and Alfred de Vigny

  • Who is your favorite hero of fiction?

    Hamlet

  • Who are your favorite heroines of fiction?

    Phedre (crossed out) Berenice

  • Who are your favorite composers?

    Beethoven, Wagner, Shuhmann

  • Who are your favorite painters?

    Leonardo da Vinci, Rembrandt

  • Who are your heroes in real life?

    Monsieur Darlu, Monsieur Boutroux (professors)

  • Who are your favorite heroines of history?

    Cleopatra

  • What are your favorite names?

    I only have one at a time

  • What is it you most dislike?

    My own worst qualities

  • What historical figures do you most despise?

    I am not sufficiently educated to say

  • What event in military history do you most admire?

    My own enlistment as a volunteer!

  • What reform do you most admire?

    (no response)

  • What natural gift would you most like to possess?

    Will power and irresistible charm

  • How would you like to die?

    A better man than I am, and much beloved

  • What is your present state of mind?

    Annoyance at having to think about myself in order to answer these questions

  • To what faults do you feel most indulgent?

    Those that I understand

  • What is your motto?

    I prefer not to say, for fear it might bring me bad luck.

The second set of questions and answers give us Proust as a young man, mad for conquest, drawn to love crossing conventional sexual lines, still fixated on Mama. His aesthetic sensibilities have grown more serious (I, however, would not give up Mozart for Schumann, with all his interminable faux endings.) In these responses are early threads of character found in the narrator of Remembrance.